In 2022 deden wetenschappers een opmerkelijke vondst in grotten in de buurt van de stad Arar (Saudi-Arabië). Ze vonden hier namelijk zeven gemummificeerde cheeta’s en skeletresten van meer dan 50 cheeta’s; een aantal van de resten waren meer dan 4000 jaar oud. De dieren waren op een natuurlijke wijze gemummificeerd, en dus niet door een mens. Hoe dit precies is gebeurd, is niet duidelijk. De onderzoekers vermoeden dat de droge omstandigheden en de stabiele temperatuur in de grotten, een rol hebben gespeeld.
De gemummificeerde cheeta’s en de overige overblijfselen werden grondig onderzocht en recent publiceerden de wetenschappers hun bevindingen in het wetenschappelijke tijdschrift Nature. Hierin staat o.a. dat uit het onderzoek blijkt dat de cheeta’s die gevonden werden, tot twee subsoorten behoren; de Aziatische cheeta (Acinonyx jubatus venaticus) en de ondersoort die voorkomt in Noordwest-Afrika (Acinonyx jubatus hecki). Saudi-Arabië wil cheeta’s in hun land herintroduceren en is bezig met een fokprogramma. De onderzoekers raden aan dat cheeta’s geherintroduceerd worden in dit land die behoren tot bovengenoemde subsoorten, aangezien nu dus blijkt dat deze het meest verwant zijn aan de dieren die ooit in dit land leefden. En dus ook de meeste kans hebben om het te kunnen overleven in dit land. Het klimaat in Saudi-Arabië is ongekend warm. De vondst in de grotten maakt duidelijk dat, voordat cheeta’s lokaal uitstierven, ze hun toevlucht zochten in de schaduwrijke en relatief koele grotten van het Arabische schiereiland om te ontsnappen aan de woestijnwarmte. Binnen die grotten vonden de onderzoekers ook uitwerpselen van cheeta’s en de aangevreten botten van hun prooi.
Lees het hele artikel (met filmpje van de gemummificeerde cheeta’s), hier.
Cheeta buiten Afrika praktisch uitgestorven
De wereldwijde populatie cheeta’s is flink afgenomen; naar schatting leven er nog maar zo’n 7000 wereldwijd (in zo’n negen procent van hun oorspronkelijke leefgebied). Vier ondersoorten leven in Afrika en eentje (Acinonyx jubatus venaticus) in Iran; in dit laatste land leven nog maar zo’n 30 cheeta’s. Cheeta’s kwamen ooit veelvuldig voor op het Arabische schiereiland en in landen zoals Iran en India. Ze werden als geschenk aangeboden aan koningen en hoogwaardigheidsbekleders en getraind om samen met mensen te jagen, net zoals valken tegenwoordig. Maar uiteindelijk begonnen mensen op ze te jagen voor de sport. Dat, in combinatie met de afname van de prooidieren waarop de cheeta’s jaagden, leidde er uiteindelijk toe dat de cheeta in landen als India en Saudi-Arabië, uitstierf.
Herintroducties in India en Saudie-Arabië
Saudie-Arabië heeft al langer plannen om de cheeta in hun land te herintroduceren en het land is daarom bezig met een fokprogramma. Wetenschappers stellen dat herintroductie van de cheeta in dit land gedaan zou moeten worden met specifieke subsoorten; de soort die voorkomt in Noordwest Afrika (Acinonyx jubatus hecki) of de soort die voorkomt in Iran (Acinonyx jubatus venaticus). Omdat van de laatste ondersoort nog maar zo’n 30 dieren over zijn, maar ook vanwege allerlei politieke redenen, lijkt het onmogelijk om met deze ondersoort te fokken in Saudi-Arabië. Maar de Noordwest-Afrikaanse cheetah, hoewel ook ernstig bedreigd, telt nog zo’n 400 exemplaren, waarvan sommige in gevangenschap worden gefokt. Wetenschappers stellen daarom dat Noordwest-Afrikaanse cheetahs gebruikt kunnen en moeten worden om cheeta’s in Saudi-Arabië opnieuw in het wild uit te zetten, gezien hun beschikbaarheid en genetische gelijkenis met de cheeta’s die ooit in het land voorkwamen.
India heeft ervoor gekozen om cheeta’s vanuit Zuidelijk Afrika naar hun land te brengen en uit te plaatsen. Dat gaat om een andere subsoort dan de cheeta die ooit in India leefde.
Foto: een gevonden gemummificeerde cheeta in grotten in Saudie-Arabië. Copyright; National Center for Wildlife/Saudi Arabia


