Veel wetenschappers vermoedden al langer dat er iets niet klopte aan Miracinonyx trumani, de uitgestorven zogeheten ‘Amerikaanse cheeta’.
Het dier had een slanke bouw en lange voorpoten, en ook de grote neusholte deed denken aan dieren die goed zijn aangepast aan snel rennen. Zulke overeenkomsten zorgden er tientallen jaren voor dat onderzoekers de Miracinonyx trumani zagen als een Noord-Amerikaanse versie van de Afrikaanse en Aziatische cheeta. Maar de bijnaam ’Amerikaanse cheeta’ blijkt behoorlijk misleidend te zijn.
Onderzoekers van onder meer de University of California, Santa Cruz, onderzochten fossielen van Miracinonyx trumani (M. trumani) uit Wyoming en het Canadese Yukon. Uit die botten haalden ze oud DNA. Daarmee konden ze de plek van Miracinonyx trumani in de stamboom van de katachtigen veel nauwkeuriger bepalen dan voorheen. De uitkomst was duidelijk: het dier was niet verwant aan de cheeta en stond het dichtst bij de moderne poema. De twee lijnen gingen ongeveer 2,6 miljoen jaar geleden uit elkaar.
Het DNA leverde nog een andere verrassing op: drie fossielen uit Yukon, die eerder niet als Miracinonyx trumani waren herkend, bleken wel degelijk tot deze soort te behoren. Daarmee schuift de bovengrens van het leefgebied een heel stuk op naar het noorden: Miracinonyx trumani leefde blijkbaar niet alleen in milde graslanden, maar kwam ook voor in het Arctische noorden van Canada.
Lees het onderzoek hier.
Afbeelding: Miracinonyx trumani, © Julius Csotonyi
Afbeelding: Miracinonyx trumani, © Julius Csotonyi


