CITES (Convention on International Trade in Endangered Species of Wild Fauna and Flora) is een wereldwijd internationaal verdrag dat de handel in bedreigde dier- en plantensoorten reguleert om uitsterven te voorkomen. De grondgedachte is dat handel in wilde dieren en planten mogelijk moet zijn maar dat die niet moet leiden tot meer druk en mogelijk uitsterven van flora en fauna.
Eens in de drie jaar komen alle landen aangesloten bij CITES (en dat zijn praktisch alle landen in de wereld) bij elkaar om bestaande afspraken te bekijken en mogelijk aan te passen. Tussentijds vinden er vergaderingen plaats waar veel al wordt voorbereidt voor die driejaarlijkse top (2028). In juli dit jaar is er zo’n vergadering en hiervoor hebben wij als SPOTS recent input gegeven richting EU en ons verantwoordelijke Ministerie LVVN. De EU is belangrijk omdat Nederland in veel onderwerpen optrekt met de EU. Belangrijkste punt in onze input is het gestelde quotum van cheeta’s voor Zimbabwe.
De cheeta staat bij CITES opgenomen onder Appendix I, wat wil zeggen dat het hier om een bedreigd diersoort gaat waarbij handel aan strikte regels is gebonden. In principe is commerciële handel (zoals trofeejacht) verboden. Landen kunnen hierop een quotum aanvragen, een uitzondering dus. Zij moeten dan middels gedegen, recent onderzoek aantonen dat het met de cheeta’s in hun land goed gaat waardoor het duidelijk is dat handel in dit dier, niet leidt tot een grote impact op de soort. CITES geeft hen dan een quotum die om de zoveel jaren weer besproken (en eventueel aangepast) wordt. In theorie kan zo’n quotum alleen in stand blijven wanneer er gedegen, recent wetenschappelijk onderzoek is gedaan naar o.a. aantallen dieren in het land. Die aantoont dat het inderdaad goed gaat met dat dier in het specifieke land.
Als SPOTS hebben wij al vaak uitgesproken en aangegeven dat wij het aan Zimbabwe gegeven quotum van 50, onverantwoord vinden. Zimbabwe heeft lange tijd heeft gesteld dat het goed gaat met de cheeta’s in hun land. Zij stelden in de jaren ’90 van de vorige eeuw dat er naar schatting zo’n 1500 cheeta’s in Zimbabwe leefden. Hierdoor kregen ze van CITES een quotum van 50. In de jaren die volgden, bleef Zimbabwe volhouden dat er genoeg cheeta’s in hun land zijn. Tot onderzoek uit 2015 (mede gesponsord door SPOTS) inzichtelijk maakte dat er minder dan 180 cheeta’s in Zimbabwe leefden. En nu, aldus de overheid van Zimbabwe zelf, zouden er nog maximaal 143 cheeta’s in hun land zijn. Een quotum van 50 is hiermee niet gerechtvaardigd in onze ogen. Zimbabwe wil dit quotum echter houden. Zij geeft aan dat zij alles doet om de populatie cheeta’s in hun land te laten groeien. Ze geeft ook aan dat ze al jaren geen gebruik heeft gemaakt van het quotum.
Wij vinden echter dat zo’n laag aantal cheeta’s geen quotum rechtvaardigt, ook al heeft Zimbabwe deze de laatste jaren nooit gebruikt. Want in theorie zouden ze deze wel kunnen gebruiken. Bijzonder risicovol is dat de cheeta een dier is dat op grote schaal (illegaal) verhandeld wordt. In theorie zou dus in drie jaar tijd de hele populatie cheeta’s in Zimbabwe verdwenen kunnen zijn door handel. Wij snappen überhaupt niet dat CITES nooit vraagtekens heeft gesteld bij dit quotum. Want het is duidelijk dat Zimbabwe al jarenlang geen gedegen, recent onderzoek kon overleggen naar de aantallen cheeta’s in hun land, wat wel een vereiste is voor dit quotum. Hiermee geeft CITES als orgaan in onze ogen een heel verkeerd beeld af aan alle bij CITES aangesloten landen.
Wij hebben Nederland en de EU daarom gevraagd om tijdens de komende vergadering voor te stellen het quotum van Zimbabwe aan te passen naar 0.
Foto: de cheeta is een dier dat op grote schaal (illegaal) verhandeld wordt. De dieren zijn bijvoorbeeld geliefd als ‘huisdier’. Wij vinden dat gestelde quota waarbij landen mogen handelen in deze dieren, aan strikte regels moet voldoen. Dit is in het geval van Zimbabwe niet zo in onze ogen. Copyright: Evert Doorn/the Wild Site


