Recent haalde de ontdekking van een nieuwe katachtige uit Bolivia wereldwijd het nieuws. De tilcayo (Leopardus tilcayo – een oncilla soort), een kleine gevlekte kat uit de nevelwouden van de Boliviaanse Yungas, werd beschreven als de eerste nieuwe, nog levende katachtige die in meer dan een eeuw is ontdekt. In tegenstelling tot diverse katachtigen die de afgelopen jaren door taxonomische herzieningen als nieuwe soort werden erkend, was de tilcayo nog nooit formeel door de wetenschap beschreven. Uit genetisch onderzoek blijkt dat zijn afstammingslijn zich ongeveer 1,4 miljoen jaar geleden heeft afgesplitst van die van andere oncilla’s (ook wel bekend als tijgerkatten).
De ontdekking vindt plaats tegen de achtergrond van een bredere herziening van de taxonomie van katachtigen. Verschillende populaties die voorheen als ondersoort of regionale variant werden beschouwd, worden nu erkend – of zijn voorgedragen – als aparte soort. En er zullen er waarschijnlijk nog veel meer volgen, aldus Tadeu Gomes de Oliveira, een Braziliaanse wildbioloog en natuurbeschermer die al tientallen jaren onderzoek doet naar de kleine wilde katten van de Neotropen. Hij vertelt erover in dit artikel.
Meer soorten verwacht bij diverse kleine, wilde kattensoorten
Naar gelang er meer onderzoek komt naar de kleinere katachtigen zelf en de mogelijkheden van DNA-onderzoek verbeteren, komen er naar waarschijnlijkheid in de toekomst meer erkende wilde kattensoorten bij. Dat is vooral het geval bij dieren waar tot op heden weinig onderzoek naar is gedaan. En dat zijn vooral de kleinere kattensoorten. Voorbeelden die door Oliveira in bovengenoemd artikel worden benoemd zijn de pampaskat en de margay in Zuid-Amerika. Onderzoekers verwachten dat er ook meer soorten erkend gaan worden bij de wilde kat (de Afrikaanse/Aziatische wilde kat) alsook bij de marmerkat (Azië). Onderzoeken hiernaar zijn afgerond en voorstellen zijn gedaan om diverse soorten op te nemen als nieuwe soort.
Hoe bepalen biologen een nieuwe kattensoort?
- DNA-analyse: Wetenschappers onderzoeken het genoom. Omdat specifieke groepen wilde katten uiterlijk vaak sterk op elkaar lijken, geeft het DNA de doorslag. Denk aan de recent ontdekte soort oncilla – deze vertoont uiterlijk veel eigenschappen die overeenkomen met de andere soorten oncilla’s maar DNA analyse wees uit dat het hier om een unieke, aparte soort oncilla ging;
- Evolutionaire split: Er wordt berekend wanneer de groepen splitsten. Bij de Leopardus tilcayo was dit bijvoorbeeld 1,4 miljoen jaar geleden;
- Geografische isolatie: Natuurlijke barrières (zoals bergen of rivieren) houden populaties apart, waardoor ze genetisch uit elkaar groeien. Als voorbeeld de nieuwe oncilla soort; deze komt alleen voor in het Yungas-woud in Bolivia;
- Combinatie-check: De genetische verschillen worden gekoppeld aan subtiele uiterlijke kenmerken en het leefgebied voor een officiële status.
Afbeelding: de diverse soorten oncilla’s (tijgerkatten). Nu worden er door de IUCN Cat Specialist Group nog twee soorten erkend. Maar de verwachting is dat dit er in de nabije toekomst tenminste vijf en wellicht zelfs zes worden. Zoals te zien op de foto, vertonen de aparte soorten onderling vaak veel lichamelijke overeenkomsten zoals grootte en vacht. Alleen middels DNA-onderzoek kunnen aparte soorten vastgesteld worden. Doordat de mogelijkheden hierin steeds meer toenemen alsook er meer onderzoek wordt gedaan naar kleinere katachtigen, is de verwachting dat er de komende jaren meer soorten zullen worden erkend. Copyright: Tadeu Gomes de Oliveira


