
De marmerkat is een vrij kleine kattensoort, qua gewicht van ongeveer twee tot vijf kilo, vergelijkbaar met een gemiddelde huiskat. Wat op het eerste gezicht opvalt, is het marmerachtige vlekkenpatroon dat doet denken aan dat van de nevelpanter maar dan in een kleinere uitvoering. De gelijkenis is ook te zien in de lange staart die zo’n 2/3e van het gehele lichaam in beslag neemt en de (relatief) grote hoektanden. Ondanks deze overeenkomsten is de marmerkat niet met nevelpanters verwant. De marmerkat behoort tot het geslacht Pardofelis.
Veel is nog onbekend over dit dier omdat er relatief weinig onderzoek is uitgevoerd. Pas in 1994 werd dit dier voor het eerst op cameratrap vastgelegd.
Pardofelis marmorata.
Marmerkatten en nevelpanters lijken qua uiterlijk veel op elkaar, omdat beide soorten een kenmerkend, onregelmatig vlekkenpatroon op hun vacht hebben. De vacht is dik en zacht en is een belangrijke redenen waarom het dier bejaagd wordt, net als de nevelpanter. Qua lichaamsgewicht is de marmerkat ongeveer zo zwaar als een grote huiskat met een gewicht van ongeveer twee tot vijf kilo.

Op Sumatra zijn enkele melanistische marmerkatten op foto vastgelegd.
De marmerkat komt voor in een groot maar zeer verbrokkeld verspreidingsgebied dat reikt van Nepal tot Indochina in het oosten en zuidelijk daarvan tot het schiereiland Malakka en de eilanden Sumatra en Borneo. Het dier is afhankelijk van bossen, vooral tropisch regenwoud. Hij lijkt een voorkeur te hebben voor afgelegen, vochtige bossen en oerbossen. Maar door ontbossing moet het dier zich zien aan te passen aan ander leefgebied. Dankzij het gebruik van cameravallen blijkt dat deze kat ook meer en meer voorkomt in meer aangetast bos, maar (nog) niet in oliepalmplantages.
Gebied & omgeving: veelal in tropisch regenwoud.
Hoogte:
Onbekend. Een vrouwtje met een GPS-collar in het Phu Khieu National Park in Thailand had een geschat leefgebied van 5,3 km².
Er is nog niet zoveel bekend over het aantal marmerkatten per gebied (dichtheid). Enkele inzichten uit cameratrap onderzoeken;
De dichtheid in het reservaat Danum Valley Conservation Area (Maleisië) bedroeg 19,57 en in het primaire hooglandreservaat Tawau Hills Park 7,1 individuen per 100 km². In het gekapte laaglandreservaat Tabin Wildlife Reserve werd een dichtheid van 10,45 individuen per 100 km² geschat.
In het Dampa Tiger Reserve in Mizoram, India, werd een dichtheid van 5,03 individuen per 100 km² geschat.
De dichtheid werd geschat op 8,75 per 100 km² in het Hitmanthi Wildlife Sanctuary in het noordwesten van Myanmar en op 3,8 individuen per 100 km² in het Nam Et – Phou Louey National Protected Area in Laos.
Over het gedrag van de marmerkat is nog weinig bekend. Aanvankelijk werd aangenomen dat het dier voornamelijk actief was in de schemer en nacht. Een marmerkat welke gevolgd werd middels GPS-collar in Thailand, bleek vooral ’s nachts actief. En verschillende waarnemingen in Kalimantan vonden plaats in de late avond. Cameravalstudies op Sumatra en Borneo, in Thailand, Indonesië, Myanmar, Nepal, India en Laos wijzen er echter op dat het dier voornamelijk overdag actief is.
Men vermoedde lange tijd dat de marmerkat het grootste deel van zijn tijd in de bomen doorbracht, wat de zeldzaamheid van waarnemingen verklaart. Er zijn echter inmiddels talloze cameravalfoto’s van het dier op de grond gemaakt, samen met verschillende waarnemingen. Het dier leeft dus zeker niet alleen in bomen.
Maar het dier bevindt zich dus graag in bomen. Marmerkatten hebben speciale enkels die 180 graden kunnen draaien, waardoor ze, net als de nevelpanter en margay, met hun kop naar beneden uit bomen kunnen klimmen. Dit maakt ze ongelooflijk behendige boomjagers. Deze flexibele enkelgewrichten, in combinatie met relatief grote poten, helpen hen takken vast te grijpen en zich gemakkelijk ondersteboven te bewegen. Hun lange staart zorgt daarbij voor evenwicht.
Men vermoedt dat de marmerkat solitair leeft, maar er werden twee dieren samen waargenomen bij een zoutlikplaats in het Phu Khieo Wildlife Sanctuary in Thailand. Kortom; hier moet nog meer onderzoek naar gedaan worden.
In het wild onbekend en eigenlijk alles wat we ervan weten komt door de dieren in gevangenschap te observeren.
Mannetjes en vrouwtjes katten komen meestal alleen bij elkaar om te paren. Na ongeveer 66 tot 82 dagen worden er meestal twee jongen (kittens) geboren hoewel dit er ook vier kunnen zijn. De kittens hebben een geboortegewicht van slechts zo’n 100-115 gram en na zo’n twaalf tot zestien dagen gaan de ogen open.
De kittens zijn al snel mobiel; na ongeveer drie weken kunnen ze al lopen en eerder beginnen ze vaak al met klimmen. Na zo’n 59 dagen eten ze al vast voedsel. Na zo’n 21 maanden zijn marmerkatten seksueel volwassen.
De marmerkat jaagt zowel op de grond als in bomen. Hij besluipt zijn prooi veelal en bespringt het vanuit een hinderlaag. Hij gebruikt zijn uitzonderlijke klimvaardigheden om kleine zoogdieren (knaagdieren, eekhoorns), vogels, reptielen en insecten in de boomtoppen te besluipen en te grijpen. Hij vertrouwt daarbij op zijn lange staart voor evenwicht en scherpe klauwen voor grip.
Er zijn ook verschillende gedocumenteerde gevallen van marmerkatten die op primaten jagen. Op Sumatra is gemeld dat marmerkatten af en toe op pluimvee jagen wat ze niet geliefd maakt bij mensen.
Er worden op dit moment twee ondersoorten erkend. Klik hier voor een overzicht.
Wil je een spreekbeurt over de marmerkat houden?
Klik hier voor ons spreekbeurtmateriaal dat je direct kunt downloaden.
Op YouTube zijn filmpjes van de marmerkat te zien, zoals deze.
De wilde katachtigen staan op punt van uitsterven. Dat mogen we niet laten gebeuren. We willen immers een wereld waar generaties na ons nog kunnen genieten van deze prachtige dieren. Help ons en word donateur, adoptieouder of doe een eenmalige gift.
Huiskatten worden veel minder lang gehouden in Europa dan tot nu toe
Contactgegevens
L.P. Van Mallandstraat 46
4754 AP Stampersgat
Telefoon: 06-4094 7232
E-mail: info@stichtingspots.nl